Protocol › Exclusiecriteria · Laatst herzien 2026-05-16
Exclusiecriteria
Samenvatting
Het oorspronkelijke Dutch Protocol sloot adolescenten uit met onbehandelde ernstige psychiatrische comorbiditeit, een acute psychosociale crisis of onvoldoende ouderbetrokkenheid. De klinische literatuur vermeldt expliciet hoge percentages comorbide autismespectrumkenmerken bij verwezen adolescenten — geregistreerd op circa 7–8% van de VUmc-cohorte, vele malen hoger dan het populatiegemiddelde (de Vries 2010). Zie ook /nl/protocol/inclusiecriteria/.
1. Klinische exclusiecriteria
- Onbehandelde ernstige psychiatrische stoornis (psychotische stoornis, ernstige depressie, suïcidaliteit).1
- Recent, niet-verwerkt traumatisch voorval.
- Actieve eetstoornis.
- Onvoldoende ouderbetrokkenheid of instabiele sociale omgeving.
- Onvermogen tot geïnformeerde instemming.
2. Autismespectrumstoornis
In de oorspronkelijke VUmc-cohorte werd bij circa 7,8% van de verwezen adolescenten een autismespectrumstoornis gediagnosticeerd — aanzienlijk hoger dan de geschatte 1% in de algemene Nederlandse bevolking.2 Autisme was geen automatische uitsluitingsgrond, maar leidde tot een uitgebreidere diagnostische fase. Latere internationale klinieken (waaronder Tavistock GIDS) rapporteerden nog hogere ASS-percentages, oplopend tot 35%.3 Zie ook /international/united-kingdom/ (EN).
3. Aandachtspunten in de praktijk
Diverse publicaties (waaronder de Cass Review 2024) wijzen erop dat de strikte exclusiecriteria die oorspronkelijk aan het VUmc werden toegepast, zijn versoepeld of niet consequent zijn toegepast bij de internationale verspreiding van het protocol. Dit punt wordt uitgebreider besproken bij /international/spread/ (EN).
Kritische noot
Het feit dat autismespectrumstoornis meerdere malen vaker voorkomt in verwezen populaties dan in de algemene bevolking, wordt door diverse auteurs (Cass 2024, Levine et al. 2022) niet als toevallig beschouwd, maar als signaal dat de aard van de dysforie in deze groep kan verschillen — wat de aanname ondermijnt dat hetzelfde behandeltraject past. De Cass Review beveelt aan dat ASS-comorbiditeit standaard wordt beoordeeld vóór elke vorm van medische interventie, en dat psychosociale interventies prioriteit krijgen.4
Zie ook
- Inclusiecriteria — wie wél in aanmerking kwamen volgens het oorspronkelijke protocol.
- Steensma et al. (2013) — desistance — kinderdysforie die spontaan afneemt zonder behandeling.
- Cass Review (2024) (EN) — aanbevelingen over comorbiditeit en ASS-screening.
- Levine — kritiek (EN) — heroverweging van toelatingscriteria.
- Internationale verspreiding (EN) — hoe inclusie- en exclusiecriteria bij adoptie zijn versoepeld.
Voetnoten
- Delemarre-van de Waal HA, Cohen-Kettenis PT. Clinical management of gender identity disorder in adolescents. Eur J Endocrinol. 2006;155(S1):S131–7.
- de Vries ALC, Noens ILJ, Cohen-Kettenis PT, et al. Autism spectrum disorders in gender dysphoric children and adolescents. J Autism Dev Disord. 2010;40(8):930–6.
- Cass H. Independent review of gender identity services for children and young people: final report. NHS England; april 2024.
- Cass H. Final report. NHS England; 2024. Hoofdstuk 9.