Studies › Follow-up · Laatst herzien 2026-05-16
Overzicht follow-upstudies
Samenvatting
Langetermijngegevens over het Dutch Protocol blijven beperkt. Deze pagina verzamelt gepubliceerde cohort- en uitkomststudies, met steekproefgrootte, follow-upduur, uitval en belangrijkste bevindingen. De NICE-reviews (2020) beoordeelden alle resultaten als zeer lage zekerheid (bron). De systematische review van de University of York voor de Cass Review (2024) concludeerde dat over het effect van puberteitsremmers op genderdysforie en geestelijke gezondheid geen conclusies te trekken zijn (bron), en de Zweedse SBU (2022) vond het bewijs voor hormoonbehandeling onvoldoende om de effecten te beoordelen (bron).
Overzicht (selectie)
| Studie | n | Follow-up | Belangrijkste bevinding |
|---|---|---|---|
| de Vries 2011 | 70 | Tot start hormonen (T1) | Gedrags- en emotionele problemen en depressieve klachten namen af en het algemeen functioneren verbeterde; genderdysforie en lichaamstevredenheid veranderden niet (bron) |
| de Vries 2014 | 55 | ≥ 1 jr postop. | Genderdysforie verlicht; welzijn vergelijkbaar met of beter dan dat van leeftijdgenoten uit de algemene bevolking (bron) |
| Costa et al. 2015 | 201 (VK, GIDS) | Meting elke 6 maanden | Algemeen functioneren (CGAS) verbeterde na 6 maanden psychologische ondersteuning; na 12 maanden GnRHa was het hoger dan toen alleen ondersteuning werd gegeven (bron) |
| Carmichael 2021 | 44 (VK, GIDS early intervention) | 12, 24 en 36 maanden (44, 24 en 14 deelnemers) | Geen veranderingen in psychisch functioneren (bron) |
| Brik et al. 2020 | 143 | mediaan 0,8 jr op GnRHa | 87% begon met hormonen; 6% (9 jongeren) stopte met GnRHa (bron) |
| van der Loos 2022 | 720 | tot eind 2018 | 98% (704) gebruikte aan het einde van de gegevensverzameling nog hormonen (bron) |
| van der Loos 2023 | 1.766 | retrospectief cohort, 20 jaar | 1,4% stopte met GnRHa, meestal door verdwijnen van genderdysforie (bron) |
Gemeenschappelijke beperkingen
- Geen RCT's in dit klinische domein.
- Heterogene uitkomstmaten — vergelijking tussen studies bemoeilijkt.
- Langetermijngegevens (10+ jaar) grotendeels ontbrekend.
Conclusie van systematische reviews
SBU (2022) vond het bewijs voor hormoonbehandeling bij kinderen met genderdysforie onvoldoende om de effecten te beoordelen (bron). De University of York-review voor de Cass Review (2024) vond bij 50 studies naar puberteitsremming er 1 van hoge, 25 van matige en 24 van lage kwaliteit, en concludeerde dat over het effect op genderdysforie en geestelijke gezondheid geen conclusies te trekken zijn (bron).1
Kritische noot
Van de jongeren op puberteitsremmers ging de grote meerderheid door naar hormonen: 98% (43 van 44) in de Britse early intervention study en 98% en 93% in twee Nederlandse studies (bron). Brik e.a. beschrijven de GnRHa-fase als "extended diagnostic phase", maar schrijven ook dat de grote meerderheid doorging naar hormonen, mogelijk doordat de criteria selecteren op wie waarschijnlijk doorgaat, en dat door het observationele karakter van de studie niet te zeggen is of de behandeling zelf de uitkomst beïnvloedde (bron). De Cass Review schrijft dat er geen bewijs is dat puberteitsremmers tijd kopen om na te denken (bron).2
Zie ook
- Uitvalanalyse: Steekproefgrootte en uitval
- Methodologische kritiek: Methodologische kritiek
- Terug naar Studies-overzicht
Voetnoten
- Taylor J, Mitchell A, Hall R, et al. Arch Dis Child. 2024; University of York / Cass Review systematic review.
- Brik T, Vrouenraets LJJJ, de Vries MC, Hannema SE. Trajectories of adolescents treated with gonadotropin-releasing hormone analogues for gender dysphoria. Arch Sex Behav. 2020;49:2611–2618.