Studies › Methodologie · Laatst herzien 2026-05-16
Methodologische kritiek
Samenvatting
Peer-reviewed kritiek op de Nederlandse onderbouwing richt zich onder meer op: (1) het kleine aantal waarnemingen en de onvergelijkbare metingen van genderdysforie (Biggs), (2) de selectie van succesvolle gevallen, het omdraaien van de vragenlijst en de gelijktijdige psychotherapie (Abbruzzese e.a.), en (3) de beperkte toepasbaarheid op de huidige groep jongeren (Abbruzzese e.a.). Levine e.a. betogen daarnaast dat een goed informed-consentproces nodig is. De belangrijkste auteurs zijn Biggs (2022, 2023), Levine et al. (2022) en Abbruzzese et al. (2023).
1. Michael Biggs (Oxford, 2022 / 2023)
Biggs publiceerde in 2022 een overzicht van de geschiedenis van puberteitsremming en een beoordeling van het bewijs daarvoor, met onder meer de Vries 2011 en de Vries 2014, in Journal of Sex & Marital Therapy.1 Belangrijkste punten:
- Het belangrijkste bewijs kwam uit één longitudinale studie van 70 adolescenten; de uitkomsten kort na de operatie leken gunstig, behalve voor de ene patiënt die overleed, maar rustten op een klein aantal waarnemingen (bron).
- De metingen van genderdysforie waren niet met elkaar vergelijkbaar.
- Een Britse replicatiestudie vond geen verbetering; effecten op bijvoorbeeld de botdichtheid zijn zorgvuldig onderzocht, andere, zoals die op het seksueel functioneren, zijn genegeerd.
2. Stephen Levine, E. Abbruzzese, Julia Mason (2022)
In Journal of Sex & Marital Therapy betogen Levine, Abbruzzese en Mason dat de interventies bij jongeren op bewijs van zeer lage kwaliteit berusten en dat een goed informed-consentproces nodig is; ook bespreken zij de beperkingen van de Nederlandse studies (bron).2
3. Abbruzzese, Levine, Mason (2023) — "Generaliseerbaarheid"
In een vervolgpublicatie noemen de auteurs de twee Nederlandse studies methodologisch gebrekkig: de selectie van deelnemers zorgde ervoor dat alleen de meest succesvolle gevallen in de resultaten zaten, de gerapporteerde oplossing van de genderdysforie kwam volgens hen door het omdraaien van de gebruikte vragenlijst, en door de gelijktijdige psychotherapie viel het effect daarvan niet te scheiden van dat van hormonen en operaties. Zij schrijven ook dat het protocol niet toepasbaar is op de huidige groep jongeren, die vaker pas in de puberteit klachten krijgt, vaker psychische problemen heeft en vooral uit meisjes bestaat (bron).3
4. NICE en de Cass Review
De NICE-reviews (2020) beoordeelden alle resultaten over puberteitsremmers en cross-sex hormonen als zeer lage zekerheid (bron). De systematische review van de Universiteit van York voor de Cass Review (2024) concludeerde dat over het effect van puberteitsremmers op genderdysforie en geestelijke gezondheid geen conclusies te trekken zijn (bron).4
Zie ook
- Bekritiseerde studies: de Vries 2011, de Vries 2014
- Uitvalanalyse: Steekproefgrootte en uitval
- Replicatieproblemen: Replicatiepogingen
- Terug naar Studies-overzicht
Voetnoten
- Biggs M. The Dutch Protocol for juvenile transsexuals: origins and evidence. J Sex Marital Ther. 2023;49(4):348–68.
- Levine SB, Abbruzzese E, Mason JW. Reconsidering informed consent for trans-identified children, adolescents, and young adults. J Sex Marital Ther. 2022;48(7):706–27.
- Abbruzzese E, Levine SB, Mason JW. The myth of "reliable research" in pediatric gender medicine. J Sex Marital Ther. 2023;49(6):673–99.
- NICE. Evidence review: gonadotrophin releasing hormone analogues for children and adolescents with gender dysphoria. Oktober 2020.